Arbeidsongeschiktheid
Arbeidsongeschiktheidsuitkeringen Afdrukken E-mail

Zelfstandigen die door ziekte of ongeval hun activiteit tijdelijk niet meer verder kunnen zetten, ontvangen van hun ziekenfonds een uitkering wegens arbeidsongeschiktheid vanaf de 2e maand na aanvang van de ongeschiktheid.

Drie perioden van arbeidsongeschiktheid moeten worden onderscheiden:

  1. een periode van één maand die niet wordt vergoed, de zogenaamde “wachttijd”;
  2. een periode van elf maanden gedurdende dewelke de zelfstandige  arbeids-ongeschiktheidsuitkeringen ontvangt;
  3. na een jaar van primaire arbeidsongeschiktheid, de periode van invaliditeit gedurende dewelke de zelfstandige verhoogde “invaliditeitsuitkeringen” ontvangt (enkel in geval van stopzetting van de zelfstandige activiteiten in combinatie met“gelijkstelling ziekte”).
Wie?
  • de zelfstandigen en helpers, die de pensioenleeftijd nog niet hebben bereikt
  • de meewerkende echtgenoot aangesloten in het mini- of maxi-statuut
Voorwaarden?

U moet

  • alle persoonlijke activiteiten tijdelijk stopgezet hebben (de activiteit van het bedrijf mag wel verder gezet worden door de hulp van derden, met behoud van de uitkering)
  • in regel zijn met uw sociale bijdragen of hiervoor een totale vrijstelling wegens staat van behoefte hebben gekregen
  • als arbeidsongeschikt zijn erkend, en dus omwille van letsels of functionele stoornissen, uw activiteiten als zelfstandige hebben stopgezet
  • gedurende het tijdvak van invaliditeit erkend zijn als ongeschikt om om het even welke beroepsactiviteit uit te voeren, rekening houdende met uw opleiding, gezondheidstoestand en conditie
Hoe aanvragen?

U moet binnen een termijn van 28 kalenderdagen een aangifte van arbeidsongeschiktheid overmaken aan de adviserend geneesheer van uw ziekenfonds.  De adviserend geneesheer kan beslissen u op te roepen om uw staat van arbeidsongeschiktheid te controleren.

Hoeveel?

Na één maand: arbeidsongeschiktheidsuitkeringen

Een zelfstandige ontvangt geen percentage van het gederfd loon, zoals een loontrekkende, maar een forfaitair bedrag dat afhankelijk is van de gezinssituatie. Gedurende het tijdvak van invaliditeit hangt het bedrag van de uitkeringen ook af van het feit of de zelfstandige al dan niet zijn onderneming heeft stopgezet.

Als u zich als zelfstandige in een staat van arbeidsongeschiktheid bevindt die de hulp van derden noodzakelijk maakt, heeft u eveneens recht op een aanvullende uitkering om uw verlies aan autonomie te compenseren. Het gaat hier om de uitkering voor hulp van derden. Hoeveel?

Na één jaar: Invaliditeitsuitkeringen

We spreken van "invaliditeit" vanaf het 2de jaar arbeidsongeschiktheid.

Invaliditeit is eigenlijk een soort "verlengde" arbeidsongeschiktheid waarvoor strengere normen gelden. De zelfstandige moet immers ongeschikt verklaard zijn om gelijk welk beroep uit te oefenen.

De dokters zullen daarom de verregaande arbeidsongeschiktheid op een billijke manier proberen in te schatten door een aantal elementen in overweging te nemen (medisch dossier, beroepsopleiding, leeftijd, reële herscholingscapaciteiten, gebruik van technische hulpmiddelen, …).

Wanneer uw toestand verbetert, maar u binnen een periode van minder dan 3 maanden hervalt, blijft het tijdvak van invaliditeit doorlopen.

Het verlies van loon uit de zelfstandige activiteit door langdurige arbeidsongeschiktheid wordt, (ten vroegste vanaf het 2e jaar arbeidsongeschiktheid) enigszins gecompenseerd door de toekenning van een hogere invaliditeitsuitkering, mits de betrokkene ook wordt toegelaten tot het systeem van gelijkstelling wegens ziekte.


Bedragen

Gezinslast?



 

Bel ons: 078 15 00 15 | Mail ons: info@vliegendestart.be | Stel een vraag aan het Xerius Kenniscentrum